Nog een paar dagen en dan is het Aswoensdag (17 februari 2010) en begint de vastentijd. Nu het bijna zo ver is begin ik me er steeds meer op te verheugen. Een periode van ruim 6 weken van beperken, bewust kiezen, nieuwe prioriteiten stellen, stilstaan bij wat echt belangrijk is. Ik weet inmiddels dat deze periode ook enkele dorre momenten zal kennen, maar het fijne van ruim 6 weken is dat het ruimte biedt om daar ook weer doorheen te komen, zolang ik bereid ben om er met aandacht bij te blijven - ook als het niet zo inspirerend lijkt.
De komende weken ga ik op de volgende manier vasten:
geen t.v. kijken
geen snoep, alcohol of tussendoortjes
geen kant-en-klaar-maaltijden
geen bezoek aan restaurant of grand café
minder de auto gebruiken en meer met de fiets of wandelend van a naar b
overgangstijd rekenen tussen afspraken in
woensdags neem ik vrij
begrenzen van werktijd
welke afspraken passen nog in mijn agenda?
hoeveel oningevulde tijd heb ik deze week?
In plaats van t.v. kijken wat ik graag en dagelijks doe ga ik brieven schrijven, tekenen, naaien, sporten (!) en beperkt lezen. Ik ben heel benieuwd hoe het zal zijn, want de ervaring leert dat het jaar weer anders is.
Wat zijn jouw voornemens voor de komende vastentijd?
TIP Op 17 februari a.s. begint de Veertigdagentijd. De tijd waarin mensen toeleven naar het feest van Pasen, een tijd van soberheid en bezinning. Opnieuw verzorgt Citypastoraat Domkerk in deze periode een digitale Veertigdagenkalender. De inhoud is iedere dag van de week weer anders: een lied, een beeld, informatie over een project dat die week centraal staat, een tekst, tips om duurzaam te leven, een recept voor een sobere maaltijd, enzovoort. Ook is er in de kalender iedere week aandacht voor kinderen. Aanmelden via
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Christine zegt het zo vaak, dat het goed is om een ‘schrijfmaatje’ te zoeken. Maar hoe moet dat dan als je niemand in de buurt hebt waarmee je wilt of kunt delen? Of als je geen tijd hebt om elke week of elke twee weken bij elkaar te komen om te delen? Wij zijn Irene Nicolaas en Marianne Welten, en we willen jullie via deze Schrijfwijzer heel graag laten delen in onze ervaringen als ‘schrijfmaatjes op afstand’!
Marianne: we schrijven allebei onafhankelijk van elkaar al een aantal jaren met Christine: workshops, retraites, werkboeken voor Advent en Vasten, noem maar op. We kwamen elkaar voor het eerst tegen bij de workshop ‘Geef je dromen nooit op, volg de tekens!’, voorjaar 2007 in het Lioba-klooster, waarna we weer ieder onze eigen weg gingen. In januari 2009 troffen we elkaar weer, bij het afsluitende weekend van de jaargang ‘Schrijf het naar je toe’. We schreven en deelden ook daar weer met veel plezier. Er was een ‘klik’, we zouden dit wel vaker willen doen samen. Praktisch leek dat nog niet zo simpel: Irene woont in Haarlem en ik in Heelsum bij Arnhem, en die afstand leek op het eerste gezicht wel een probleem. Maar we zijn geen van beiden types die bij de eerste de beste tegenslag de moed laten zakken, en in dat weekend spraken we af om te proberen het Vastenwerkboek 2009 met elkaar te delen. We zouden dat doen per e-mail, en dan gewoon maar eens kijken hoe ons dat zou bevallen.
Irene raadt aan om afspraken met elkaar te maken over o.a. de volgende vragen: - hoe vaak deel je? - wat deel je? - reageer je op elkaar of niet? - wil je nog andere dingen delen behalve de schrijfopdrachten?
In dit voorjaar (2009) zijn we dus begonnen met via de mail delen van het Vastendagboek. We merkten dat de frequentie van het delen eigenlijk al vastlag doordat je bij het Vastendagboek elke zondag een weekreflectie schrijft. Dit was voor ons een prima houvast en ijkpunt om wekelijks (stukjes uit) onze reflectie te delen. In het begin reageerden we eigenlijk niet echt inhoudelijk op elkaars schrijfsels; wel een "dank je wel" of; "dat en dat raakte me", maar meer niet.
In de loop van de tijd werden we benieuwd naar de verhalen en de vrouw achter deze verhalen en middels het stellen van vragen aan elkaar deelden we meer dan alleen de schrijfopdrachten. Natuurlijk was dit in het begin even aftasten (we kenden elkaar nauwelijks); belangrijk is dat je je grenzen aangeeft en de grenzen van de ander respecteert en accepteert.
We vonden het ontzettend jammer dat we afscheid gingen nemen van het Vastendagboek en daarmee het wekelijkse delen; het was een kadootje waar we elke week weer naar uit keken! Gelukkig startte Christine in juni met de Zomerse Schrijfkaravaan en (uiteraard!) deelden we al reizend via de mail onze ervaringen met elkaar. Toen kwamen we een klein "probleempje" tegen; bij sommige opdrachten hadden we best veel geschreven en ik merkte bij mezelf dat ik op ging zien tegen het typen van al die lappen tekst; er tegenop zien kon natuurlijk niet de bedoeling zijn en ik stelde Marianne voor elkaar te bellen en onze teksten hardop aan elkaar voor te lezen. Dit is heerlijk om te doen; als je leest weet je dat er iemand naar je luistert, en als je luistert hoef je alleen maar te luisteren! Nu wisselen we bellen en mailen af. Half september deelden we de eindreflectie van de Karavaan met elkaar en nu zijn we aan het schrijven in het Adventswerkboek!
Marianne: ik heb gemerkt dat het makkelijker is om het regelmatig schrijven vol te houden als je een schrijfmaatje hebt. We stimuleren elkaar zonder het daarover te hebben: alleen al het feit dat we weten dat de ander in dezelfde periode met dezelfde schrijfopdrachten bezig is motiveert enorm. En als ik eens wat minder zin of tijd heb, dan fungeert Irene als een positieve ‘stok achter de deur’, en omgekeerd. Zoals iedereen wel eens zal hebben ervaren ben ik regelmatig verrast door wat ik op papier heb gezet. Het is dan extra fijn om te weten dat er iemand is die gewoon wil luisteren naar wat ik voorlees, of met aandacht gaat lezen wat ik gemaild heb, zonder verwachtingen. En net als in de workshops en cursussen: als we iets niet met elkaar willen delen, ook dat komt voor, dan passen we! In de afgelopen zomer hebben we elkaar trouwens ook een paar keer opgezocht, en ‘live’ geschreven en gedeeld; we zijn zelfs al twee dagen samen naar het Lioba-klooster geweest.
Irene: toen we in februari van dit jaar begonnen met op deze manier te delen hadden we zoiets van; "We gaan het gewoon proberen, we zien wel hoe het uitpakt en wat het ons brengt.". Inmiddels kunnen we zeggen dat het een enorme verdieping en verrijking is in ons (schrijf) proces. En kijk; zo gaat het bij ons en het zal mogelijk voor iedereen een tikkeltje anders uitpakken. Het mooie is gewoon dat met elkaar delen zoveel meer kan opleveren en dat wensen we jullie allemaal toe!
Schrijfgroetjes, Marianne Welten (
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
) Irene Nicolaas (
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
)
Een New Yorkse journaliste - Lily Koppel - krijgt bij toeval een dagboek in handen waarin een Amerikaanse tiener - Florence Wolfson - vijf jaren van haar leven beschrijft (van haar veertiende tot haar negentiende). Lily raakt gefascineerd door het meisje en gaat op zoek naar haar. Ze blijkt nog in leven te zijn, Lily zoekt haar op, en samen reconstrueren ze het verhaal van Florence. De tienerjaren van Florence spelen zich af in de jaren dertig, de tijd van de beurskrach in Amerika en van de toenemende dreiging van de tweede wereldoorlog in Europa. Waar de oudere generatie probeert haar normen en waarden overeind te houden, slaat de avant garde van de jongere generatie volkomen los in het verborgen nachtclubleven. Dat is ook de wereld van de jonge Florence, een talentvol, mooi, intelligent, intens levend meisje met grote literaire en artistieke ambities. Florence is op zoek naar zichzelf en naar de grote liefde. Ze is compromisloos en nergens bang voor. We lezen in Lily Koppel’s boek vooral over de liefdes van Florence, die komen en gaan, en over haar (eerste) sexuele ervaringen. De rest van haar dagelijks leven is vooral het decor waartegen die liefdes zich afspelen. Voor een tiener is dat natuurlijk ook zo, maar voor ons is het jammer dat het boek hierin blijft steken, want we krijgen daardoor maar een beperkt beeld vanFlorence. Ze moet een interessant meisje geweest zijn, maar waarom werd mij in het boek niet duidelijk. Op haar 24e trouwt ze met een tandarts, lezen we, en krijgt kinderen. Blijkbaar is dat het einde van Florence, want hiermee eindigt haar verhaal. In het laatste hoofdstuk blikt de Florence van nu (inmiddels over de 90) kort terug op haar leven - voor mij het interessantste hoofdstuk van het boek - en vindt dat ze vroeger bijzonder was, maar nu niet meer. Ze zegt dat ze veel van de dingen waar ze zich in haar jeugd zo tegen verzette, in haar volwassen leven heeft geaccepteerd. Hoe ging dat dan? Daar had ik graag meer over gelezen. Voor mij was het net of ik een boek had gelezen waar alleen het eerste en laatste hoofdstuk nog maar in zaten. Het grootste, misschien wel interessantste deel van het verhaal ontbrak. Ik bleef aan het eind van het boek met een teleurgesteld gevoel achter.
TIP VOOR DAGBOEKSCHRIJFSTERS: Het dagboek van Florence is een zgn. meerjaren dagboek - misschien leuk om zelf eens uit te proberen? Voor het vijf-jaren-dagboek van Florence verdeel je iedere bladzijde van beneden naar boven in vijf delen. Helemaal bovenaan komt de datum zonder jaartal (b.v. 1 Januari). Boven ieder van de vijf delen komen- in oplopende volgorde - de jaartallen (b.v. 2010, 2011, 2012 etc.). Zo kan je in de loop van de jaren bij iedere dag terugblikken op de zelfde dag in de jaren ervoor. Bij vijf jaar op een bladzijde heb je per dag natuurlijk maar ruimte voor een paar regels tekst. Dat is een nadeel. Daarom kun je natuurlijk variaties bedenken, zoals i.p.v. een enkele bladzijde een dubbele bladzijde onderverdelen in b.v. vier jaar, zodat je per dag een halve bladzijde hebt.